2 daagse 2013

 

Het is zaterdag 23 juni 2013 en het is 04:45 uur en ik lig niet heerlijk in bed, nee ik sta in de keuken te wachten op koffie!! Ik probeer wakker te worden terwijl ik uitkijk over de achtertuin. Deze ziet eruit als een loopgravenveld uit de eerste wereldoorlog, hoe toepasselijk met het oog op het komende weekend alwaar de 2 daagse zich in bochten zal wringen door een historisch landschap dat het decor is geweest van 2 wereldoorlogen. De tuin krijgt een grondige opknapbeurt en zal zich de komende weken weer glad strijken, maar zal ik de heuvels in het Vlaamse en Franse Heuvelland ook kunnen gladstrijken? De kat is ook wakker geworden en wil graag naar buiten. Laat ik ook maar opschieten anders kom ik, ondanks het vroege opstaan, nog te laat.

Op weg naar Ulvenhout Cor en fiets in, - en opgeladen. Ondanks de vroegte is het toch een al opgewektheid op het plein en bij mij groeit nu toch wel de zin, de zin om 2 dagen lang door een mooi landschap te fietsen. Genieten van een soort voorvakantie. De autorit naar Kemmel verloopt zonder problemen.

Op de camping aan de voet van de Kemmelberg laat men er geen gras over groeien en binnen de kortste keren staat iedereen strak in het pak klaar naast zijn stalen ros. Tja die Kemmelberg, die zal eerst overwonnen moeten worden. De eerste druppels vallen, maar daar wordt geen aandacht aan geschonken, het zal wel meevallen. De kinderkoppen op de helling van de Kemmelberg zijn nat en glad. De Rouleurs zijn zwaar getraind en de kracht in hun benen is te groot voor het achterwiel waardoor deze voortdurend doorslipt op de natte en verraderlijke kinderkoppen, maar de eerste heroïsche daad is een feit, de Kemmelberg is korte tijd later bedwongen en de tocht kan beginnen!

Eenmaal voorbij Dranouter verlaten we Frans Vlaanderen en lokt het Franse heuvellandschap ons de grens en rollen we het departement Nord binnen.  Berthen, Sainte Marie Cappel, Cassel een een aantal plaatsen eindigend op “zeele” rollen onder de wielen door. Een stevige wind op kop en een aantal beklimmingen maken de rit spannend en uitdagend. Mont Noir, Mont des Cats en Monts des  Récollets waren uitdagend en streelde bij de een de benen en plaagde deze bij de ander.

Voor hen die oog hadden voor de omgeving viel er veel te ontdekken. De natuur is mooi, de dorpjes rustig en pittoresk en de geschiedenis is overal aanwezig. Met enige verbeelding kon je de Romeinse legioenen zien marcheren over de net geplaveide wegen en voelde je de ellende van de loopgravenoorlog uit WOI. De aanwezigheid van enkele bunkers maakten de herinnering aan WOII zichtbaar en de vele oorlogskerkhoven en monumenten lieten duidelijk zien dat dit deel van Europa duidelijk niet is gespaard gedurende de diverse oorlogen.

Net voor Forêt d’Eperlecques, het bos waar in WOII een V2 basis was gestationeerd, maken we een stop in Watten en laten de Rouleurs zich in de welbekende “watten” leggen. We worden in Bar Le Buffy hartelijk ontvangen en genieten van koffie, thee en vlaai. De druppels van weleer beginnen iets harder en dichter te vallen grrr, maar er wordt niet gezeurd, nog niet, Rouleurs zijn immers niet van suikergoed.

Vol goede moed vervolgen we de rit en rijden langs Forêt d’Eperlecques richting Guînes. De wind waait niet met ons maar plaagt ons met vlagen, eerst licht dan weer stevig. De wind laat zich ook steeds vaker vergezellen van de regen en er worden regelmatig “gaten” geslagen in het peloton, met name op de klimmen naar boven en al net zo regelmatig wordt er geroepen “Even wachten”. Na Guines is het  nog stevig doorploeteren naar de de Côte d’Opale maar uiteindelijk was Calais in zicht, alwaar de jeugdherberg ons zou verwelkomen. Calais zelf is, zeker met regen, niet echt een opbeurende plaats, maar een renner nat en voldaan is gauw tevree. Jan des Bouvrie was duidelijk niet uitgenodigd bij de inrichting van de herberg maar wat een lekker bed en dito douche. De fietsen werden in lijn gestald en na een opknapbeurt werd het tijd voor een stevige pint in een bar aangezien het avondeten nog niet in zicht was. Na het eten werd de kroegentocht voortgezet en belande het hele stel weer in dezelfde bar. Uiteindelijk verdwenen de Rouleurs naar hun kamer en bed en werd het rustig.

De volgende ochtend fris weer aan het ontbijt en met hoopvolle blikken werd er naar buiten gekeken. Het zag er veelbelovend uit en de voorspellingen waren redelijk goed. Maar wat was er gebeurd in het peloton? Een deel ervan was kennelijk gedurende de nacht ingelijfd door een andere sponsor. Naast het vertrouwde wit, groen en rood van de Rouleurs liep een deel in een donkerblauw tenue vol met namen van sponsoren en centraal voorzien van zowel aan de voor als aan de achterzijde een groot wit kruis. Rebellie of een hang naar de kruisvaarders van weleer? Al gauw bleek dat het ging om het Tour For Life team “Sport4Life”. Kort voor vertrek waren de nieuwe tenues aangekomen en men kon niet wachten om dit wereldkundig te maken. Ondergetekende is trots op het team en het feit dat hij samen met deze “ridders op het stalen ros” ten strijde mag trekken ten gunste van Artsen Zonder Grenzen. Deze strijd laat echter nog tot 1 september 2013 op zich wachten.

Een wachttijd was er (gelukkig) niet voor de rit van die dag, Calais-Kemmel. De eerste 20 km zijn zwaar en langzaam en beukend tegen de wind in rolt het peloton over de glooiende wegen achter de duinen in het departement Pas de Calais. Hier en daar prachtige velden vol wilde bloemen zoals klaprozen. Na deze 20 km is de wind ons uiteindelijk goed gezind en streelt en duwt ons in de rug. Het blijft droog en zo af en toe plaagt het zonnetje zich voorbij de lichte bewolking. De plaatsen Audinghen, Marquise en Belle et Houllefort komen voorbij en ik mijmer over een vakantie in Frankrijk. Gelukkig zal dit over een paar weken geen droom meer zijn maar een heerlijke werkelijkheid!

Tot aan de koffie in het altijd bruisende plaatsje Quercamps hebben we ongeveer 900 hoogtemeters overwonnen. Zoals gezegd in de metropool Quercamps vallen we binnen bij Relais de la Forêt. Combiende café? 22? Mon dieu! Onze gastvrouw ging in de versnelling en bij ontvangst van la première tasse de café, werd maar meteen nummer 2 besteld. Zo hoort het op de zondagochtend op het Franse platteland, plus lentement ! En ach, laat ik maar meteen een stukje tekst van SKIK op papier zetten Wie dut mij wat, wie dut mij wat, wie dut mij wat vandage 'k Heb de banden vol met wind, nee ik heb ja niks te klagen. Wie dut mij wat, wie dut mij wat, wie dut mij wat vandage 'k Soll wel zeggen ja het mag wel zo”. Kortom we zaten goed, het was goed fietsweer en we mochten gelukkig nog een mooi stukje fietsen.

We laten het café en het dorp achter ons en fietsen richting Saint Omer, een mooie stad met historie die teruggaat tot in de 7e eeuw gelegen in het departement Pas-de-Calais op de grens tussen Frans Vlaanderen en Artois. Via 2 bruggen over de rivier de Aa en het Kanaal van Neuffossé verlaten we deze mooie stad en fietsen richting Cassel. Al fietsende over enkele rechte en lange golvende wegen lopen de snelheden met de wind in de rug op tot bijna 70 km/uur. Het geheel krijgt zowaar een echt Tour de France karakter. Iedereen kent de uitspraak “De Tour wacht op niemand”, maar vanuit het peloton wordt toch echt met regelmaat geroepen “even wachten”, waar gelukkig gehoor aan wordt gegeven. Het motto is en blijft “samen uit samen thuis”.  Desondanks blijft er voldoende ruimte over voor die individuele uitspatting in de klim naar de top van de Mont Cassel en de Mont des Récollets en het even doortrekken op een mooie rechte weg gesteund door extra windkracht in de rug.

Tussen 1071 en 1677 is tot 3 maal toe de slag om Cassel uitgevochten, 3 maal scheepsrecht zullen we maar zeggen. Via Steenvoorde, Godewaersvelde en Berthen rollen we naar het Heuvelland van Kemmel. Onderweg passeren we nog wel even de Mont des Cats, Mont Noir en de Rodeberg, maar dan is het gedaan met het kleine verzet en rijden we korte tijd later het terrein van camping Ypra op. Moe maar voldaan.

Heerlijk uitrusten onder het genot van een lekker biertje uit België en daarna opfrissen onder de douche. Nadat alles was in,- en opgeladen ging het richting restaurant De Hollemeersch. Ik kan veel schrijven over dit restaurant, maar ik werk niet bij Michelin, maar in 1 woord “Excellente”!!! De weggetrapte calorieën waren weer aangevuld. Voorwaar, een betere afsluiting van een super mooi weekend was niet denkbaar. Peter en Ruud “hommage et de respect pour tout”!!!

 

Met veel groeten Marco Rekkers